Posts Tagged ‘Pantelic’

De achilleshiel van dit Ajax

dinsdag, augustus 16th, 2011

De gemiddelde Ajacied heeft niks te klagen over de eerste wedstrijden van het drie sterren dragende Ajax. De eerste wedstrijd (uit tegen de Graafschap) werd met 1-4 gewonnen en Heerenveen werd in de ArenA met 5-1 bij vlagen weggetikt, zelfs zonder aanvoerder Jan Vertonghen. Nieuwe aankopen Boerrigter en Sigthorsson passen perfect in het spel en Sulejmani begint weer zijn oude niveau te halen. Daarnaast speelt PSV inmiddels op hetzelfde niveau als het seniorenteam van vijfdeklasser Eindhoven AV en is de kans dat FC Twente twee van z’n spelbepalers verliest nog aanwezig. Geen vuiltje aan de lucht voor Ajax.

Dat lijkt tenminste zo, maar eigenlijk is er toch één groot zwak punt te vinden. Tien van de elf basis-posities zijn bezet door een goede speler die in de voetbalvisie van Frank de Boer past. Vermeer, Van der Wiel, Alderweireld, Vertonghen, Boilesen, Janssen, Eriksen, Boerrigter, Sigthorsson en Sulejmani kunnen allemaal perfect meekomen. Dan houden we nog één speler over, als we dit seizoen geen kampioen worden, komt dat doordat deze jongen in de basis staat, tot mijn grote spijt, is die jongen Siem de Jong.

De in Zwitserland geboren spits annex middenvelder maakte zijn debuut in 2007 en kreeg onder Martin Jol een belangrijke positie achter Pantelic toebedeeld, niet als aanvallende middenvelder, maar meer als tweede spits, zijn taak was duidelijk, hij moest in de gaten springen die de Serviër voor hem achterliet en Siem deed dat met verve en zijn attitude veroverde al snel de harten van de fans. Door zijn harde werken kreeg hij het volgende jaar een basisplaats op de 10 positie. Echter Pantelic was weg en hij moest zelf gaan voetballen. Onder Jol kreeg hij steevast een plaats op het middenveld toebedeeld, maar daar raakte hij geen pepernoot meer.

In de tweede seizoenshelft nam Frank de Boer het stokje over, Siem had het geluk dat Mounir El Hamdaoui het balletje liet vallen. Daarom kon Siem in de spits gaan spelen, iets wat hij aardig kan, zonder dat het ooit een nieuwe Bergkamp zal worden. In de zomerstop werd echter een nieuwe spits gehaald en gaf Siem aan dat hij constanter is op het middenveld.

Dit bewees Siem in de eerste drie wedstrijden (JC schaal meegerekend) heel duidelijk, Siem loopt constant achter de bal aan, Siem vertraagt constant het spel, Siem verspeeld constant de bal op een knullige manier en Siem laat constant zien dat hij het spel dat Frank de Boer wil spelen niet aan kan. Frank houdt van voetbal, wil het spel laten lopen, wil snelle pasjes zien en wil combinaties voorop hebben. De 22-jarige Siem is in zo’n systeem nooit een tussenstation.

Zelfs Jan-Joost van Gangelen kon ongetwijfeld zien dat we tegen De Graafschap veel beter gingen spelen met Anita op het middenveld. In de eerste helft gingen de aanvallen over rechts en telkens was het Siem die de bal te lang vast hield, of hem in de voeten van een tegenstander speelde en dan hebben we het nog niet eens gehad over zijn belabberde strafschop. In de tweede helft konden we frank en vrij voetballen doordat Janssen dichter bij de goal speelde en Eriksen op zijn natuurlijke positie (rechtspoot op rechts) speelde.

De wedstrijd tegen SC Heerenveen was overtuigend, maar een leek kon zien dat elke gevaarlijke aanval ontstond als Siem niet aan de bal kwam. Gingen de aanvallen wel over Siem, dan werd de bal al snel verspeeld. Alleen in de luchtduels is hij bruikbaar, maar hoe vaak krijg je luchtduels als aanvallende mid?

Siem is telkens de grote dissonant, en het is een kwestie van tijd voordat De Boer inziet dat het beter is om Anita of Serero als derde man op het middenveld te posteren, Serero zou dan direct de plaats van De Jong innemen, of Anita zou controlerend kunnen spelen, waardoor Janssen verder naar voren kan staan. Dat laatste heeft mijn voorkeur, omdat de positieve kanten van Janssen zo beter benut worden.

Het is heel erg jammer, maar voor de perfecte prof Siem de Jong, is het maximaal haalbare bij een succesvol Ajax een plek op de bank. Er is geen plaats meer voor de man die ons, als spits, naar het 30ste kampioenschap heeft geschoten. De enige vraag die rest is, hoe lang duurt het voordat de sympathieke voetballer zijn ogenschijnlijk eindeloze voorraad goodwill heeft opgebruikt?

Bobby Mostertman
Ook te volgen op Twitter

De stijgende lijn

zondag, februari 7th, 2010

Eindelijk kan ik hier een heerlijk opportunistisch positief stuk schrijven, twee thuiswedstrijden in één week, één tegen Roda JC, één belangrijke tegen FC Twente, een doelsaldo van zeven voor, nul tegen, zes punten in de zak hebben en twee keer bij vlagen warempel goed spelen. Dat zijn de cijfers die Ajax na afgelopen week kan overleggen.

Waar de Amsterdammers afgelopen woensdag nog geholpen werden door de dienstdoende arbiter (Bas Nijhuis gaf twee discutabele pingels), kwam de hulp dit maal van Twentenaar Kenneth Perez, de oud-Ajacied miste in de eerste 20 minuten twee honderd procent kansen. Alleen voor de keeper kapte hij eerst een keer te veel naar buiten. Even later was het een kopbal alleen voor goal die moeilijker te missen dan te raken was, Kenneth miste wel en het bleef 0-0. In deze openingsfase werd vooral linksback Anita keer op keer uitgespeeld.

Na de van de Tukkers goede openingsfase, scoorde Ajacied Demy De Zeeuw in de 22ste minuut door middel van een schuiver van afstand, het ingrijpen van de Twentse verdediging laakte, waardoor Sander Boschker kansloos bleef, 1-0. Ajax bleef gaan, en gaan, en gaan. Felheid werd door de jongelingen tentoongesteld als nooit te voren, waar vroeger doorjagen een utopie leek, zaten Demy de Zeeuw en de zijne er dit maal elke seconde kort op. Zelfs de door menig Ajacied gehate linksback bloeide geweldig op, Vurnon Anita verdiende een pluim, want hij speelde in de overige zeventig minuten foutloos.

Iets te kort zelfs, want Jan Vertonghen blesseerde in het doelgebied Sander Boschker, waar een leek zelfs kon zien dat hij meteen gewisseld had moeten worden, liet McLaren de voormalige Ajaxdoelman gewoon staan. De coach zal zich die beslissing nog berouwen, want in de 44ste minuut profiteerde de thuisclub van de niet scherpe sluitpost. Eerst schoot aanvoerder Luis Suarez op de paal, de rebound van de bij vlagen ongrijpbare Gregory van der Wiel werd nog gekeerd, maar Pantelic kon de bal nog inglijden, een criticus als ik kan zich alleen maar afvragen of een fitte keeper de inbreng van de Serviër niet had gekeerd, desalniettemin, 2-0.

In de tweede helft kwam dan toch de wisselkeeper Cees Paauwe erin, hij kon niet voorkomen dat Ajax kans op kans creëerde, Luis Suarez wervelde, Gabri viel gretig in voor de geblesseerde Demy De Zeeuw, Pantelic bleek een goed aanspeelpunt en Dennis Rommedahl liet zijn hielen vaak zien als invaller voor de eveneens geblesseerde Urby Emanuelson. De Deen was de enige Ajacied die nog scoorde, uit een goede combinatie kon hij de ingevallen doelman kloppen, 3-0, saillant detail is dat de aan het begin van het seizoen afgeschreven Rasmus Lindgren een belangrijke rol speelde in deze aanval.

Ajax jaagde collectief Twente angst aan en had geen tegenstand te duchten, als je naar de ranglijst kijkt, mag het wonderlijk genoemd worden dat de Tukkers tweede staan en de Godenzonen derde. Op wilskracht, durf en kwaliteit werden de bezoekers van het kastje naar de muur gezonden. De Amsterdammers jaagden stuk voor stuk door op elke bal, Ajax was zo oppermachtig dat Martin Jol nieuwe aankop Nicolas Lodeiro met een gerust hart in kon brengen voor Pantelic. Het bleek geen verbetering, niet omdat de Uruguayaan slecht speelde, maar omdat een centraal aanspeelpunt gemist werd.

Toch kwam Ajax niet meer in de problemen, waarmee de afstand op FC Twente  tot zes punten verkleind wordt, mocht de club uit Enschede zo blijven spelen dan is het gat te dichten, ook PSV komt nog op bezoek in de ArenA, de Eindhovenaren hebben een voorsprong van negen punten op de club uit Amsterdam, maar na deze indrukwekkende vertoning, kan Ajax weer naar boven kijken. De koppositie lijkt niet meer haalbaar, maar de hoop is er toch weer, of dat ijdele hoop is, zal in de komende weken blijken.

Bobby Mostertman